Over de Cultuurindex Nederland en de wetten van de Republiek der Letteren

Op uitnodiging van Vlaams-Nederlands Huis DeBuren sprak ik op 3 juli in huis Biermans-Lapotre, op de Cité universitaire in Parijs. Onderwerp van gesprek was niet alleen ‘de republiek der Letteren’ en met name de plek van de vertaling daarin, maar ook het terrein waarop de Boekmanstichting, kenniscentrum voor kunst, cultuur en beleid, haar activiteiten ontplooit.
Mijn gehoor bestond uit een groep van ongeveer 25 jonge Nederlanders en Vlamingen, een mix van journalisten, schrijvers van proza, poëzie en theater, die op uitnodiging van DeBuren twee weken in Parijs mogen doorbrengen – wat een geluksvogels. Hun achtergrond gaat van architect tot wis- en natuurkundestudent, van onderzoeksjournalist tot columnist, van classicus tot radiomaker. De verbindende factor is dat ze ‘gebeten zijn’ door schrijven, jonger dan 30 jaar en volgens deBuren interressante en getalenteerde jonge makers.


We spraken over de cultuurindex, die onlangs door de Boekmanstichting (en het Sociaal en Cultureel Planbureau) is gelanceerd, over het belang van objectieve cijfers en de noodzaak van interpretatie daarvan. Er waren vragen over de positie van de cultuur in Nederland en Vlaanderen in vergelijking met die in de rest van Europa; over de aandacht die er in die index wordt besteed aan de kunstenaars zelf; en over de trends die er uit die index af te leiden zijn.
Bij wijze van reflectie op het andere onderwerp dat aan bod zou komen, de republiek der letteren, heb ik verwezen naar cruciale studie van de Franse sociologe Pascale Casanova, La République mondiale des lettres. Het is een indrukwekkende studie die de literatuur als een economie benadert en nog steeds uitstekend aangeeft hoe de hazen lopen in de wereld van literatuur en uitgeverij.



Verder is de gedachtengang van Tim Parks in Het esperanto van de wereldliteratuur (22 januari 2011), uitgesproken ter gelegenheid van de Writers Unlimited lezing van belang. Hij verklaart de ondergeschoven positie van de vertaler, wijst op de enorme aandacht voor de VS op cultureel en vooral literair gebied en analyseert de paradox dat de auteur ernaar streeft autonoom en onafhankelijk van zijn eigen cultuur te zijn toch maar beter een ‘internationaal nationaal product’ te verkopen kan hebben, wil hij succesvol zijn.
Kijken we naar de beschikbaarheid van cijfers op het gebied van vertalingen, dan moeten we constateren dat die nauwelijks en al helemaal niet actueel beschikbaar zijn. Wie wil weten welke Nederlandse titels er de afgelopen jaren (met subsidie van het Letterenfonds) zijn vertaald, moet de jaarverslagen doorspitten. In 2010 waren dat er 24, in 2013 nog maar 8, een forse daling. Omgekeerd, voor de Franse titels die in het Nederlands verschenen, kan er gekeken worden naar de overzichten van het Centre National du Livre en van het Programme du Perron bij het Maison Descartes, maar ook dan gaat het alleen om gesubsidieerde titels. Ook hier is er sprake van een aanzienlijke daling.
Wie enig inzicht wil krijgen in trends in vertalingen wereldwijd, kan enigszins terecht bij het rapport Publishing Translations in Europe, trends 1990-2005. In 2005 verschenen er wereldwijd meer dan 100.000 titels in vertaling, waarvan 40.000 literaire. 80% van de vertalingen verschijnt in Europa. 85% van de vertaalde literatuur verschijnt in Europa. 65% van alle literaire titels zijn vertaald uit het Engels, 32% is afkomstig uit de volgende 25 talen.
In Nederland en Frankrijk wordt zo’n 70% uit het Engels vertaald. In Nederland is ongeveer 8% vertaald uit het Frans.
Kijken we naar Frankrijk dan zien we dat 65% van alle vertalingen literaire vertalingen betreft. Vertalingen uit het Nederlands zijn te verwaarlozen, ze vormen met andere minder wijdverspreide talen een rubriek ‘other’. Dit alles geldt voor de hierboven aangegeven periode, recentere gegevens heb ik niet kunnen vinden.
Interessant voor de discussie was ook het document Publishing Translations in Europe, Survey of Publishers, uit januari 2011. Hierin worden de resultaten van een enquête onder uitgevers geanalyseerd. Waarop baseert een uitgever zijn keuze? (1. Lezen van een boek in de oorspronkelijke taal. 2. Suggestie van een vertaler. 3. Persoonlijke aanbeveling 4. Vertaald stuk); Wat zijn de problemen van een uitgever bij vertaalde literatuur? En wat is eigenlijk het effect van staatsinstituten die de nationale literatuur promoten?
Het leidde tot een intensieve en interessante discussie, waaraan we eind januari graag een vervolg geven. Dan hopen wij de groep bij de Boekmanstichting te ontvangen.
Literatuur
Over de cultuurindex:
http://www.boekman.nl/cultuurindex(betalend voor niet abonnees)
Over Pascale Casanova
http://www.hup.harvard.edu/catalog.php?isbn=9780674010215
Interview met Pascale Casanova
Tim Parks
Publishing translations in Europe : trends 1990-2005 Budapest observatory
Wales : Aberystwyth University, Mercator institute for media, languages and aulture, 2011
144 p.. – (Making literature travel)
Publishing translations in Europe : survey of publishers Budapest observatory
Wales : Aberystwyth University, Mercator institute for media, languages and aulture, 2012
20 p.. – (Making literature travel)